Blog Image

MIJMEREN

Mijmeren

Rinus Krijnen publiceert via DongenHomespot sinds 2010 zijn columns “Mijmeringen”. In 2000 is Rinus met de columns begonnen. Aanvankelijk werden ze voorgelezen bij Radio0162 in het programma Basement en later VolDongen Feiten. Toen deze zender uit de ether ging en als omroep overging naar de website OmroepDongen.nl, waren ze vanaf dat moment hier te lezen en te beluisteren. Op 1 januari 2010 hield ook OmroepDongen.nl ermee op en sindsdien zijn de columns te horen en te lezen via Dongenhomespot.nl.
De Dongense Internetkrant
De onderwerpen van de columns zijn zeer divers, van persoonlijke beslommeringen tot wereldverbeteringen. De columns zijn zowel te lezen als te beluisteren.



Ga terug naar de krant :
WWW.DONGENHOMESPOT.NL

Klopt dat wel?

ALGEMEEN Posted on Sun, June 28, 2020 18:32:14

Het internet is een walhalla om je mening te uiten. Ikzelf doe hier met deze columns al twintig jaar ijverig aan mee. Dat was voor het internettijdperk wel anders. Feitelijk had je toen niet anders dan de geschreven pers, sinds pakweg de jaren 20 van de vorige eeuw de radio en sinds de jaren vijftig de TV. Kenmerk van zowel de geschreven pers, als de radio- en tv-wereld dat de inhoud van de programma’s of artikelen niet door het volk wordt gemaakt, maar door een professioneel team. Dit team bestaat uit de schrijver, producent, regisseur, eindredacteur etc. Het zijn maar  zelden eenmansacties. Kenmerkend van de huidige internetpublicaties is dat samenwerken geen noodzaak is. Maakt iemand een gelikte video en heeft hij of zij al wat airplay op de sociale media, dan kan de inhoud binnen korte tijd over de halve wereld verspreid zijn. Heeft zo’n internetpublicist een enorme schare volgers, dan zal de commercie al gauw haar intrede doen. Wat reclame maken op zo’n platform is interessant bij grote aantallen bezoekers. Maar dan de inhoud. Die wordt nergens gecontroleerd. De kranten vertegenwoordigden vooral in het verleden een zuil. Ondenkbaar dat er een artikel werd geplaatst zonder dat het eerst door een ‘derde’ werd gelezen en beoordeeld. Dat gold ook voor de verzuilde omroepen met hun radio- en tv-uitzendingen. Men ging er als journalist prat op dat men hoor-wederhoor toepaste om toch objectief te lijken binnen de zuil die men vertegenwoordigde.

Maar met de komst van internet en aansluitend de social media, gecombineerd met de technische mogelijkheden om zelf filmpjes te produceren, te uploaden of te streamen is van hoor-wederhoor en feitenonderzoek meestal in het geheel geen sprake. De makers laten zich uitsluitend leiden door hun eigen mening. Op zich niet erg als dit wordt gedaan in formats waarbij de eigen mening voorop staat, zoals een column. De lezer weet dan dat het de mening is van de schrijver of maker. Maar soms worden er verhalen op het web geslingerd, die bol staan van complottheorieën, of ondermijning van de wetenschap. In de oude structuur was er eerbied voor de wetenschap. Tenslotte beweren wetenschappers alleen maar zaken die feitelijk zijn bewezen. Die eerbied lijkt vervlogen. Vloggers destilleren uit de verhalen die circuleren op het web hun eigen theorie en doen wetenschappers af voor lui die ook maar een mening verkondigen.

Op zich allemaal nog niet zo erg als dit niet leidt tot disruptie. Maar hoe langer hoe meer krijgen de bedachte internettheorieën een groter draagvlak. Typisch is wat er nu in deze coronatijd gebeurt. Aanvankelijk was iedereen bang en wilde men nog wel wetenschapper van Dissel geloven, maar na het hoogtepunt is deze wetenschapper uit beeld geraakt, verguisd en afgevoerd en komen er economen aan het woord. Economie is geen wetenschap en dat merk je dan ook gelijk in de aanbevelingen. Er wordt zelfs in de traditionele media verwarring gesticht over de schijnbaar kromme coronamaatregelen, die niet uit te leggen zijn voor de burgers. Economen willen de economie zo snel weer naar het oude vertrouwde normaal terugbrengen. Ze zoeken hierbij de mazen op in de regels en via internetfora worden de ondermijnende activiteiten om de coronamaatregelen na te leven breeduit gedeeld. Samen met de Gele Hesjesbeweging, de antivaxxers en 5G de wereld uit, worden wetenschappelijk ongefundeerde meningen uitgestrooid over het volk. Die weet niet meer wat het moet geloven en is daarbij opportunistisch. Gemakkelijk zal hij of zij  de mening verdedigen die voor hun zelf het beste uitkomt. Het lastige is dat ze gelijk hebben te twijfelen als blijkt dat er geen tweede of derde golf komt. Maar wellicht komt die tweede of derde golf niet, omdat er adequaat is opgetreden tijdens de eerste golf. Dat is ook wetenschappelijk nog moeilijk te bepalen en daar zul je ze niet over horen.

Wel duidelijk is dat onderzoeksjournalistiek op een dood spoor zit. De kranten hebben hun oplages zien dalen en hebben de middelen niet meer om duur onderzoek te doen. Omroepen zijn langzaam aan het ontzuilen en moeten met minder middelen verder, waardoor ook hier minder geld beschikbaar is voor onderzoek.

Gelukkig zijn er nog internetfora die onafhankelijk onderzoek zonder winstoogmerk plegen zoals Bellingcat en Follow The Money.

Nu is het wel zo dat bepaalde social media een disclaimer opnemen als mogelijk de inhoud misleidend kan zijn. Meestal is dit niet direct te zien in het bericht, maar moet je doorklikken. De aanwas van berichten op social media is echter zo groot, dat je niet kan verwachten dat alle berichten met pertinente onzin door de metacrawlers van de factchecking worden tegen gehouden.

Doordat zowat alle meningen ongefilterd over ons worden uitgestort is het ook niet verwonderlijk dat aan inhoud van berichten getwijfeld wordt. Juridisch is het niet aan te vechten want er is vrijheid van meningsuiting. Maar wat als pertinente onzin langzamerhand de geldende mening gaat vormen en de meningen van wetenschappers terzijde worden geschoven. Dan is het einde der tijden nabij. De grote vraag is: Hoe kunnen we zonder de vrijheid van meningsuiting te schenden toch zorgen dat informatie ‘gecheckt’ bij de lezer terecht komt. Ofwel: hoe kan de lezer zelf objectief beoordelen wat het waarheidsgehalte van een bericht is? We zullen hard op zoek moeten naar dit antwoord.



Discriminatie & Racisme

Uncategorised Posted on Mon, June 22, 2020 23:29:46

We horen de laatste weken niet anders: er wordt op grote schaal gediscrimineerd en vooral de vorm racisme staat in de belangstelling na de dood van de donkere man George Floyd in de USA door extreem politiegeweld. Discrimineren is eigenlijk niets anders dan selecteren. Selecties druk je uit door het gebruik van bijvoeglijke naamwoorden: een blanke man, een Turkse vrouw, een zwarte jongen, een homofiele kerel. Elk bijvoeglijk naamwoord selecteert het onderwerp. Het bijvoeglijke naamwoord geeft een lading aan het onderwerp en afhankelijk van de gevoeligheid van het bijvoeglijke naamwoord, wordt de selectie ervaren als discriminerend of racistisch.

Het bijvoeglijke naamwoord als woord om de context van het onderwerp te nuanceren krijgt een lading en geeft het onderwerp een eigenschap. Als de boodschap bedoeld is om exact te duiden waarover men het heeft, kan dit als confronterend worden gezien. Zo worden bij opsporingsverzoeken vaak typerende kenmerken als bijvoeglijk naamwoord toegevoegd om de mensen te helpen de dader op te sporen, zoals een jonge, slanke, lange, blonde man. Met dergelijke typering krijg je een beeld van diegene die men zoekt. Als er nu veel van deze verzoeken zijn en telkens wordt hierbij hetzelfde etnische profiel beschreven, dan wordt al snel dit als verwijt gezien aan de opsporingsinstantie omdat ze een stereotype beeld geven van de mogelijke dader. Etnisch profileren zit dan weer heel dicht tegen racisme. Aan de andere kant moet men de ogen ook niet sluiten voor de werkelijkheid. Vooroordelen op basis van ras of uiterlijk zijn er altijd geweest en zullen er ook blijven. Je bent vertrouwd met je eigen soort en van mensen die andere culturele roots hebben vormt zich in ons hoofd al gauw een stereotype beeld, vaak ingegeven door de onbekendheid met de andere cultuur. Zo werkt ons brein nu eenmaal. Dat associëren zorgt ervoor dat we ook maar moeilijk van die vooroordelen af komen.

Mensen doen dus niets anders dan selecteren. Of ze dit nu op papier doen of met hun ogen, gedachten, neus of wat dan ook. Elke selectie is een vorm van discriminatie. Je kiest iets en daarmee sluit je andere zaken uit. Of dat nu voor een aankoop, de liefde, je eten of gewoon mensen zijn. Is dit fout, is dit goed? Ik denk niet dat daar deze kwalificaties toe behoren. Het is meer dat heel ons leven uit keuzes bestaat. Als je voor jezelf bemerkt dat je consequent keuzes maakt waarbij je iemand of een soort mensen uitsluit dan spreekt men van echte discriminatie. Is dat ook nog op ras gebaseerd dan noemen we deze vorm van discriminatie racisme.

Onze vooroordelen worden gevormd door onze roots: opvoeding, onderwijs, geschiedenis. De opvoeding krijg je gratis en het is te hopen dat racisme daarin wordt afgewezen. Binnen het onderwijs zou er een duidelijke taak moeten zijn om gelijkheid uit te dragen, zodat die mogelijk al verankerde vooroordelen bij kinderen kunnen worden weggenomen. Als we hier echter teveel aandacht voor vragen valt rechts Nederland over het onderwijs heen. Men vindt dit een linkse aanpak. De rechtse aanpak is vaak juist gebaat bij ongelijkheid. Handel wordt pas interessant als er schaarste dus jaloezie is. Niet alles is voor iedereen te krijgen. Dat drijft de prijs op. Op dat communistische idee van gelijkheid zit men niet te wachten.

En dan de geschiedenis. In de geschiedenisboeken staan de handelingen beschreven in de ogen van de machthebbers van het era waarin het is opgeschreven. De vraag is in hoeverre dit aansluit bij wat de werkelijke situatie was. In de geschiedenisboeken worden bijvoorbeeld helden vereerd waarvoor we, met de inzichten van nu, ons schamen. Meestal omdat ze ons land rijk hebben gemaakt door onderdrukking en geweld. Destijds werden deze helden geëerd en werden er van deze mannen standbeelden opgericht. Nu willen racisme-activisten deze kunstwerken vernietigen. In mijn ogen haal je met het vernielen van soms prachtige objecten het probleem niet weg. Een standbeeld van een foute zeeheld is er toch vooral om het plein te sieren en 98% van de voorbijgangers zal het worst zijn wie er is afgebeeld. Zelfs al zouden ze de naam weten, dan gaan er nog geen alarmbellen af.  

De betekenis van kunst is niet alleen hetgeen wat het voorstelt. Daarmee heeft de abstracte kunst een voorsprong op de figuratieve kunst. Je mag bij abstracte kunst zelf denken wat je er van wil, terwijl bij afbeeldingen van mensen men altijd van de hoed en rand moet weten en door velen de voorstelling en de vorm op één hoop worden gegooid. Deugt de man op het schilderij niet, dan deugt het schilderij zelf ook niet, hoe prachtig het ook is geschilderd. Deze kortzichtige benadering keur ik ten stelligste af. Als blijkt dat kunst dit effect heeft, zet het dan met duidelijke context op een plaats waar het wordt beschermd: een museum of achter een hek met een bord waarop uitleg staat.

Maar zomaar beelden van foute lieden  van hun sokkels trekken  is symboolpolitiek en wakkert de verschillen tussen mensen alleen maar aan, terwijl men juist gelijkheid  en broederschap zou moeten prediken..

De grootste boosdoener van ons wereldbeeld is hoe we de zaak hebben opgeschreven. Nadeel van geschiedschrijving is, dat dit een vorm van discriminatie is: ik schrijf dit wel op, maar dat niet. Waarom beschrijven we dit niet?

Al deze dogmatische benaderingen zorgen er ook voor dat de derde grote verworvenheid uit de Franse revolutie ‘vrijheid’ onder druk staat. Daar maak ik me nog de meeste zorgen om.



« PreviousNext »